Kees Broere

Kees Broere

29 april 2026 om 23:00

Van heinde en verre - 30 april 2026

VAN HEINDE EN VERRE

     Notities van een terugkomer - 30 april 2026

 

Soms hangt geluk aan een muur. Bijvoorbeeld van het Stadsarchief van Amsterdam. Het is, zeker voor een notoire opruimer en weggooier als ik, niet echt een plek waar je ervan uitgaat een gelukservaring te ondergaan. Maar afgelopen zondag, een dag voordat de hoofdstad zich onderdompelde in het koningsfeest, gebeurde dat wel degelijk. En dat door de expositie 'De Jazz-jaren; mensen, migratie en muziek in Amsterdam, 1930-1939'.

Ik had op Bluesky voor het eerst over de tentoonstelling gelezen. Met dank aan Mark Ponte. Hij is historicus en heeft specialistische kennis over onder meer Amsterdam, Suriname en migratie. Niet vreemd dan ook dat hij de curator is van deze prachtige expositie, die trouwens nog tot in september is te zien. Doe zoals mijn lief en ik deden: ga erheen, en geniet van een lange tijd onbekend gebleven, maar swingend en indrukwekkend stukje cultuurgeschiedenis.

In Amsterdam, en treffend genoeg in en rond de Vijzelstraat waar tegenwoordig het Stadsarchief is gehuisvest, troffen in de jaren 30 van de vorige eeuw talrijke jazzmuzikanten elkaar. Sommige van hen kwamen uit Nederland, maar opvallend waren ook de mensen die uit Oost-Europa kwamen, de Afro-Amerikanen die soms al een grote naam hadden en de Afro-Surinamers die in Nederland hun jazzcarrière hebben gemaakt.

 

In vriendschap

Ze traden op in jazzcafés, maar bijvoorbeeld ook in een zaal van het voormalige Carlton Hotel, waar je in die tijd à raison van 6 gulden chic kon overnachten én ontbijten. De muzikanten waren overwegend zwart, het publiek zal overwegend wit zijn geweest. Ik stel mij zo voor dat de jazz beide groepen in vriendschap bij elkaar heeft gebracht. En dat in een decennium dat de opmaat vormde naar oorlog, facisme en rassenhaat.

Enfin, ga vooral zelf kijken (en luisteren!). Misschien wordt u vrolijk van de foto die van de trompettist en zanger Louis Armstrong is gemaakt bij zijn aankomst op het Centraal Station van Amsterdam. Zelf werd ik blij van een andere Louis. Ik heb deze trompettist helaas nooit in levenden lijve ontmoet, terwijl hij in mijn bestaan een bijzondere rol speelde en speelt. En dat sinds ik voor het eerst zijn beeltenis zag, ruim vijf jaar geleden, toen ik op Curaçao woonde.

 

Een schilderij uit 1930

Toen namelijk kocht ik een boek dat was samengesteld door medewerkers van het Nationaal Archief van het Caribische eiland. Op de voorpagina prijkt de afbeelding van een schilderij van Nola Hatterman, de Nederlandse vrouw die in de vorige eeuw een belangrijke rol heeft gespeeld voor de schilderkunst in Suriname. Het schilderij uit 1930 is het portret van een man op een terras. Een man in Nederland. Een zwarte man in Nederland.

Die lange tijd naamloos gebleven, galante en mooie man bleek de jazzmuzikant Louis Drenthe te zijn. Dankzij mijn lief, voor wie hij een oom was ('oom Lou'), heb ik bijzondere familieuitbreiding gekregen. Afgelopen zondag dan heb ik hem eindelijk 'ontmoet', dankzij het schilderij dat het Stedelijk Museum in bruikleen heeft gegeven voor de expositie 'De jazz-jaren'.

We stonden in een ander zaaltje over een andere afbeelding gebogen, toen ik in mijn ooghoek oom Lou gewaarwerd. Ik tikte mijn lief op haar schouder en zei 'Ik ga je even onderbreken'. Zij keek en haar gelaat lichtte op.

Zo dus ziet geluk eruit.

 

Kees Broere